De omgeving die je niet gelooft.

Toen ik thuiskwam van 3 weken vakantie met een ‘hartsvriendin’, was ik totaal de weg kwijt.

Vrienden vroegen aan me wat er precies gebeurd was, daar op vakantie. Ik kon het niet uitleggen. Ik stond ermee op en ging ermee naar bed. De film speelde zich de hele dag door af, in mijn hoofd. Ik was helemaal niet meer bezig met narcisme. Ik had mezelf namelijk jaren geleden de belofte gedaan dat ik nooit meer in de val van de narcist zou trappen. Laat staan in een vriendschap! Ik was destijds 3 verschillende ‘opleidingen’ aan het doen. Jungiaanse psychologie en psychologische astrologie aan de volksuniversiteit en de opleiding systemisch werk.

Ik paste het toe in mijn leven. Ik wilde mezelf èn mijn schaduwkanten leren kennen om de beste versie van mezelf te worden. Zo ook op die vakantie… en de periode daarna. Maar waarom bleef ik me dan zo slecht voelen over mezelf? Je schaduwkanten onder ogen zien, dat doet pijn, je hebt ze niet voor niks ooit in de schaduw gezet. Maar dít?

Meerdere keren heb ik geprobeerd onze vriendschap te redden. Ook omdat we veel gezamenlijke vrienden hadden. Ik voelde me verantwoordelijk dat ik het ook hen moeilijk maakte. Ik werd er ook verantwoordelijk voor gemáákt. Steeds liet ze me dat wel ‘voelen’ met een onderhuidse opmerking of een bepaalde blik. Steeds als ik met haar in gesprek ging, hield ik het bij mezelf, dat had ik de afgelopen jaren wel geleerd. Ik had in álles het boetekleed aangetrokken.

Maar waarom kreeg ik steeds weer te horen, dat ik haar iets aangedaan had? We waren er toch samen bij geweest? Het kon toch niet dat ik de enige schuldige was aan wat er gebeurd was? Aan de pijnlijke momenten die we daar hadden gehad? Momenten, waar bij mij een enorm schuld-en schaamtegevoel op zat.

Ik vond het niet eerlijk dat zij in niets, maar dan ook in niets haar hand in eigen boezem stak. Alles legde ze bij mij neer, of nog erger ze drukte het er nog dieper in. Ik moest toch ècht hulp gaan zoeken, want dat ik zo extreem boos kon worden, daar moest ik toch echt wat aan doen. ‘Je hebt echt een groot probleem’, werd me steeds weer gezegd.

Ik besloot nog een gesprek aan te gaan met haar, enkele maanden later. Toen vertelde ze me dat ik toch wíst wat zij nodig had. Ik zei haar toen, dat ik inderdaad wist wat zij nodig had, maar dat ik het niet meer wílde weten. Als mensen iets van me nodig hadden, mochten ze het me voortaan vragen. Ik had al moeite genoeg met weten wat ik zelf nodig heb.

Ik probeerde er met ‘vrienden’ over te praten, omdat ik er niet uitkwam. Om zo een beter zicht te krijgen op wat hier gebeurd was. Twee jaar lang heb ik gezocht naar antwoorden in mijn omgeving, bij vrienden.

Ik kreeg ze niet, sterker nog, ook zij legden hun ‘shit’op mijn bordje.

Twee jaar lang bleef ik rondjes draaien, bleef ik het bij mezelf zoeken, bleef ik in mijn omgeving antwoorden zoeken. Twee jaar waarin ik ook nieuwe vriendschappen aanging en merkte dat ik ook daar in een drama terechtkwam. Ik moest en zou nu uitzoeken wat hier steeds gebeurde. Ik begreep er namelijk niets van, dat ik zóveel aan mezelf had gewerkt en nog steeds niet een ‘normale’ relatie aan kon gaan.

Tot ik op de website van het verdwenen zelf terecht kwam en het boek ‘Herstellen van narcistische mishandeling’ bestelde.

Daar kreeg ik de bevestiging en de antwoorden waar ik naar op zoek was.

Nog steeds zocht ik het niet bij die ‘hartsvriendin’. Maar ik bleef me wel een slecht mens voelen. Ik had nachtmerries, werd ‘s nachts wakker en dan begon weer de hele film. Gevoelens van machteloosheid, onrechtvaardigheid. Woede die de overhand nam. Tot ik er helemaal klaar mee was, 1,5 jaar na deze vakantie samen. Ik had de film nu al zo vaak afgespeeld, van álle kanten bekeken.

Voorzichtig ging ik opnieuw deze situaties bekijken, maar nu vanuit de mens zonder innerlijk weten. Hoe erg ik het ook vond om op deze manier naar haar te kijken. Ik wíst het niet meer. Pas toen ik eerlijk ging kijken naar de feiten, mijn schuld-en schaamtegevoelens eraf haalde. De emotie los kon laten van de ervaring, kon ik zien wat hier gebeurd was.

Ik had hier met verborgen narcisme te maken. Zeer kwaadaardig narcisme.

Het was de bedoeling dat zij zich als slachtoffer profileerde aan de buitenwereld, waarbij ik automatisch als de dader werd neergezet. Zo voelde ik me ook en zo gedroeg ik me ook. Dat is namelijk wat het ( verborgen) narcisme met je doet.

Zij had mij tot dader gemaakt door zichzelf als slachtoffer neer te zetten.

Zij had nóóit verantwoordelijkheid genomen, ze had mij voor alles verantwoordelijk gemáákt. Nóóit had ze zelfreflectie toegepast. Nóóit had zij sorry gezegd, voor wat er daar was gebeurd. Ineens zag ik ook de rode draad van mensen die me aan het ‘hart’ lagen en me steeds vertelden dat er aan mij van alles mis was.

Zij hadden nóóit aan zichzelf gewerkt!

De afgelopen 10 jaar had ik alleen máár aan mezelf gewerkt. Ik was er klaar mee. Ik liet me niets meer zeggen of mij analyseren, door iemand die nooit aan zichzelf had gewerkt. Die geen verantwoordelijkheid neemt en geen zelfreflectie toepast.

Een klein half jaar later besloot ik de paar vrienden die ik nog om me heen had en die met haar te maken hadden, los te gaan laten. Ik kón het niet meer. Ik kon niet meer horen dat ik dingen zag die er niet waren. Ik kon niet meer horen dat ik ‘zomaar’een vriendschap verbrak. Ik verbrak ook niet zomaar een vriendschap, daar had ik gegronde redenen voor. Redenen die mijn goed recht waren. Namelijk dat ik het niet meer toestond dat ik me geestelijk en emotioneel liet mishandelen door iemand die me willens en wetens kapot wilden maken. Redenen die voor mijn ‘vrienden’ niet voldoende waren, omdat de buitenwereld het hogere goed was.

Wat 3 weken een topvakantie had moeten worden, had een nasleep van twee jaar. Twee jaar waarin ik mezelf opnieuw heb moeten vinden, omdat ik totaal de weg kwijt was. Omdat ik de bevestiging en de antwoorden bleef zoeken in mijn omgeving.

Juist de omgeving heeft me nog dieper in de duisternis gebracht. Van de narciste in kwestie hoefde ik geen loyaliteit meer te verwachten. Van mijn vrienden wel. Alleen omdat ze zelf niet naar hun eigen pijn willen kijken, of omdat hun eigen ‘veilige’ huis dan als een kaartenhuis in elkaar zou storten. Of gewóón omdat het hen eigenlijk ook wel goed uitkwam. Je vrienden horen er voor je te zijn, door dik en dun, onvoorwaardelijk. Daar ben je vrienden voor. Dat is voor mij de basis van elke vriendschap. Dat vind ik ‘ normaal’.

Niemand heeft het recht om ‘zijn shit’ op ‘jouw bord’ te leggen.

Daarentegen heb jij áltijd het recht om terug te geven wat niet van jou is!

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *